22-12-14

Interview met Mich (Arenbergshouwburg)

Door Kim Geerden, 15/12/2014

Duizend Man Sterk is Mich Walschaerts van Kommil Foo in zijn eerste solovoorstelling, maar niet heus: hij doet zich vooral groter voor dan hij is. Zoals wij allemaal. Een hartverwarmende muzikale voorstelling over liefde en leven en over kleine kantjes.

Mich Walschaerts: Ik was een jaar geleden al begonnen aan deze voorstelling, maar na wat try-outs bleek het absoluut niet goed te zitten. De verkeerde weg ingeslagen, misschien niet goed ingeschat omdat het de eerste keer was dat ik solo werkte… Ik heb alles weggegooid en ben van nul herbegonnen. Nu zit het naar mijn gevoel wél goed.

Was het dan toch een serieuze aanpassing om zonder je broer Raf te werken?

Wat het spelen zelf betreft eigenlijk niet. Alleen op een podium staan en zelf anderhalf uur de aandacht vasthouden, is anders, maar heel plezant ook. De voorstelling maken, was een ander paar mouwen. Natuurlijk, ik was al jaren gewend om constant te pingpongen met Raf, elk idee werd eerst afgetoetst bij de ander voor het uitgewerkt werd. Ik heb er dan ook Walter Janssens bij betrokken als regisseur. Die kwam tijdens het creatieproces wekelijks naar hier en dan las ik hem stukken voor. Zo merk je snel genoeg wat wel en niet werkt.

Er zit opvallend veel muziek in de voorstelling. En wat ook opvalt: jij beschikt over een bijzonder goede stem.

Ooit heb ik nog met het idee gespeeld om eens een puur liedjesprogramma te maken, maar dan bekruipt mij toch altijd weer de goesting om ook onnozel te doen en verhalen te vertellen, dus ik blijf bij cabaret. Ik wilde absoluut tussen twee heel straffe muzikanten staan. Mijn stem is vooral goed om pop en rock te zingen, maar in het theater is dat niet ideaal, en dus werd het wat meer in de richting van tango. Dat is altijd spannend en intens van sfeer.

Om het even over de inhoud te hebben. 'Zou Mich nu echt een midlife crisis hebben?', hoorde ik een toeschouwer zich luidop afvragen na de première.

(lacht) Dat valt mee, maar de rode draad valt wel samen met een man van 45 die twijfelt, die voor keuzes staat.

Je toont jezelf ook zeer kwetsbaar en zeker niet altijd van je schoonste kant, vind ik.

Ik blaas heel hoog van de toren, ja. Dat is nodig: als je jezelf opblaast en op een voetstuk zet, kan je er ook afvallen en kwetsbaarheid laten zien. Mensen beseffen wel dat wat je toont niet noodzakelijk écht is, en toch herkennen ze zichzelf. Ik mag van mezelf denken dat ik een redelijk beschaafde mens ben, maar ik moest ook niet eindeloos graven naar de kleine kantjes die ik toon. Ze zitten in ieder van ons. Met enkel je schone kant te laten zien, ben je niets op een podium; het gaat om mensen laten zien dat je van vlees en bloed bent.

En dat er diep van binnen nog steeds een cowboy of indiaan in je zit!

Ondanks het feit dat ik nu 45 ben, hoor ik regelmatig van mensen dat er iets jongensachtig aan mij blijft. Die avonturenverhalen, ook als die bij Kommil Foo erin slopen, was dat altijd door mijn inbreng. Raf, die zat als kind altijd met zijn neus in de boeken terwijl ik buiten verkleed in de bomen hing, en we zijn altijd een beetje zo gebleven.

Vind je het belangrijk om het kind in jezelf te koesteren?

Misschien niet het kind in mezelf, maar wel een zekere naïviteit. Er loopt hier in huis nu een ventje van vier jaar oud rond en, hoe cliché het misschien klinkt, die leefwereld is echt wonderlijk. Dat drukt je echt met de neus op het feit dat onschuld en naïviteit ook schoon kunnen zijn.

 

Bron: Arenbergschouwburg.be

Gepost door Catherine K | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.